Huurder spendeert in totaal bijna helft van inkomen aan wonen

Huurders en alleenstaanden betalen relatief gezien het meest voor hun huisvesting. Dat blijkt uit een groot onderzoek over “De Vlaming en zijn woning” dat de VRT liet uitvoeren. Verder blijkt dat 4 procent van de mensen verhuurt aan 30 procent van de bevolking. 1 op de 3 kopers kan dan weer rekenen op financiële steun van ouders of familie, voor gemiddeld 22 procent van de aankoopsom. 

Huurders spenderen gemiddeld 47% van hun inkomen aan wonen. Bij eigenaars is dat slechts 36%. Alleenstaanden betalen gemiddeld 43%, tegenover 36% voor samenwonenden. Het algemeen gemiddelde bij de Vlamingen ligt volgens de enquête (zie onder) op 39%.

In dit bedrag zijn de maandelijkse huurprijs of de afbetaling van de lening meegerekend, maar ook vaste kosten in een appartement (vooral huurders wonen in appartementen), elektriciteit, gas en water, en eventuele herstellingen of klein onderhoud, nazicht van de verwarming, of schoonmaak.

Hoe lager het opleidingsniveau, hoe groter de hap uit het totaalbudget: van 34% voor personen met een Master op zak, tot 43% of meer voor mensen met een heel laag diploma.

“Heel groot deel van bevolking betaalt aan heel klein deel”

4 procent van de mensen verhuurt aan 30 procent van de bevolking. “Wat betreft de huurdersmarkt, is er een manifeste vaststelling. Het blijkt dat een heel groot deel van de bevolking betaalt aan een heel klein deel”, zegt Jo Steyaert van Indiville, het bureau dat het onderzoek uitvoerde.

Dat vertaalt zich ook in een andere statistiek: amper 11 procent heeft een tweede woning, 9 procent als eigenaar en 2 procent als huurder. Van degenen die eigenaar zijn van een tweede woonst, kiest 43 procent voor een permanente verhuur.

Inkomen en huisdieren heikele punten bij aangaan huur

18% van de respondenten werd al eens geweigerd als huurder. Dat gemiddelde ligt hoger voor mensen met kinderen (27%), mensen zonder werk (27%) en nieuwe Vlamingen (35%). Bij een weigering heeft de verhuurder meestal vragen bij het inkomen of vermogen (40%). Bij 7% is de reden religie of levensbeschouwing.

Opvallend: bij de redenen voor een weigering staan huisdieren op plaats 2, ruim voor huidskleur/afkomst/ras. En 3% geeft aan ooit geweigerd te zijn als huurder op basis van geslacht.

Het adembenemende uitzicht

De algemene tevredenheidsscore over de aard en ligging van de woning ligt op 7,6. De score stijgt met ouder worden, eigenaar zijn, een adembenemend uitzicht hebben, de betere staat van de woning en wonen in een homogene buurt (met minder etnische diversiteit).

Vooral de buurt en de staat van de woning hebben impact op de tevredenheid. Toch zien we het als een hele klus om te verhuizen: van wie niet of slechts matig tevreden is, grijpt in minder dan de helft in: 24% verhuist, 20% verbouwt of doet aanpassingen.

Voorts speelt de afstand woon-werk geen doorslaggevende rol bij de keuze of tevredenheid, integendeel.

We kopen vooral (63%)

Wie eigenaar wordt, koopt in 2 op de 3 gevallen een bestaand huis. 1 op de 4 gaat voor nieuwbouw. In die categorie kiest bijna de helft (4 op 10) voor een sleutel-op-de-deurformule.

Bij doe-het-zelvers en verbouwers neemt 1 op de 3 het heft in eigen handen: 9% doet het volledig zelf, en 22% doet “veel zelf met hulp van anderen”. 45% laat het bijna volledig of helemaal volledig aan derden over.

1 op de 3 krijgt financiële steun van ouders of familie

Soms krijgen kinderen een steuntje in de rug van ouders of familie om die woningdroom te realiseren, en onder de redenering “huurgeld is weggegooid geld” in 71% van de gevallen echter staan de kopers/bouwers er alleen voor. Voor de andere 29 procent betekent dit dat ze gemiddeld 22 procent van de aankoopsom krijgen.

De banken zijn voorzichtiger geworden na de bankencrisis: ze bieden leningen aan met een minder lange looptijd, en eisen dat kandidaat-kopers een minimum aan eigen inleg aanbieden. Voor jonge kopers is het spaargeld vaak al op als je de notariskosten en registratierechten in rekening brengt. Op dat moment is hulp van de ouders heel welkom.

Ouders nemen heft in eigen handen

Tegelijk zit schenken stevig in de lift. Bijna de helft van de ouders is bereid om niet te wachten tot een eventueel overlijden, en wil al op voorhand de gezinswoning aan de kinderen schenken. 31% zegt ja, maar met behoud van vruchtgebruik. 15% gaat voor een schenking van de volledige eigendom.

“Het aantal schenkingen in Vlaanderen is enorm toegenomen in 2015 en 2016”, zegt Bart Van Opstal van notaris.be daarover.

Verhuist u naar Spanje na uw pensioen? Of misschien naar onze kust?

Tot slot: 17% van de deelnemers aan de rondvraag heeft concrete plannen om na het pensioen in het buitenland te gaan wonen. Spanje is de populairste bestemming.

Het gaat hier wel om voornemens: zo geeft 8% aan op rijpere leeftijd naar de kust te zullen verhuizen, maar uiteindelijk heeft maar 1% dat ook effectief gedaan. Mogelijk speelt hierbij dat veel mensen een groot deel van de tijd aan zee verblijven, maar er daarom niet permanent gaan wonen.

“Hoe homogener de buurt, hoe beter”

We wonen in de overgrote meerderheid van de gevallen (80%) in buurten met alleen maar of overwegend mensen van dezelfde nationaliteit/met dezelfde huidskleur. Dat sociologische aspect blijkt ook van grote invloed op hoe graag we ergens wonen: hoe hoger de homogeniteit, hoe hoger de tevredenheid.

Er is hier een opvallend groot verschil tussen de buurten met een lage homogeniteit, dus met veel andere nationaliteiten (al dan niet tweede generatie), en heel homogene buurten, met scores gaande van 5,1 tot 8,1 op 10.

Bron: Deredactie.be

Comments are closed.

Door onze website te gebruiken, verklaart u zich akkoord met onze cookie policy en privacy policy. OK